
Iedereen beschermt zich weleens tegen emotionele pijn.
De een doet dat door het leven vooral rationeel te benaderen, de ander past zich juist aan de behoeften van anderen aan om zelf niet op te vallen. Beide zijn vormen van emotionele zelfbescherming: een patroon dat we vaak al in onze kindertijd hebben ontwikkeld en dat we als volwassene, vaak onbewust, blijven inzetten.
In dit artikel leg ik uit, vanuit mijn ervaring als coach, wat de functie is van emotionele zelfbescherming, hoe deze strategieën ontstaan, welke vormen er zijn en wat je nodig hebt om een rigide bescherming los te laten, zodat je je weer emotioneel kunt verbinden met jezelf en met anderen of meer leert leven vanuit je eigen behoeftes.
Wat is de functie van emotionele zelfbescherming?
Emotionele zelfbescherming is een reactie op emotionele pijn, kritiek, teleurstelling, vernedering of afwijzing. Het is een normale, menselijke behoefte om emotionele pijn niet te willen voelen. Je wilt liever onaanraakbaar zijn, dat voelt stevig en stabiel. Daar is op zichzelf niets mis mee.
Je kunt een beschermingsstrategie vergelijken met een burcht, omringd door water. De toegang loopt via een ophaalbrug die omhoog gaat om de bewoners te beschermen. Of iemand die brug wel of niet kan laten zakken, bepaalt of zijn bescherming flexibel of rigide is. Bij een flexibele bescherming heb je de brug tot je beschikking en zet je hem in wanneer een situatie niet veilig voelt; op andere momenten laat je hem zakken en geef je weer toegang. Bij een rigide bescherming zit je gevangen in een permanent gesloten burcht, ook wanneer er geen gevaar meer dreigt.
Hoe ontstaat emotionele zelfbescherming?
Volgens psychiater Wilhelm Reich (1897-1959) zijn de meeste patronen die maken dat emoties niet meer vrij door ons heen kunnen stromen, verbonden met ons verleden. Hij ging ervan uit dat we al vroeg gedrag ontwikkelen dat onze natuurlijke impulsen en emoties onderdrukt: dit doen we om onze kwetsbaarheid te beschermen en om geaccepteerd te worden in de omgeving waarin we opgroeien. Reich noemde deze beschermingsstrategieën karakterstructuren: patronen die zich uiten in gedrag, denkbeelden, de manier waarop we met gevoelens omgaan en in het lichaam zelf.
Ook interessant: De levenslange invloed van het gezin waarin je opgroeid
Een beschermingsstrategie is een reactie op onvervulde behoeften in de kindertijd
Er zijn twee fundamentele basisbehoeften die, vanaf de kindertijd, een grote invloed hebben op ons huidige gedrag. De eerste is de behoefte aan verbondenheid: het verlangen om ergens bij te horen, deel uit te maken van een groep en intimiteit te ervaren. De tweede is de behoefte aan autonomie: het verlangen naar zelfverwerkelijking en invloed, waardoor we onze kwaliteiten willen ontwikkelen en betekenis willen hebben. Beide behoeften komen ook terug in de gehechtheidstheorie van John Bowlby, die liet zien hoe belangrijk een veilige band met ouders is voor de emotionele ontwikkeling van een kind.
Ieder kind groeit op in een gezin waarin bepaalde behoeften niet volledig worden vervuld, om de eenvoudige reden dat er geen ideale ouders bestaan. Ouderlijk onvermogen varieert van gewone emotionele onwetendheid, tekortschieten of afwezigheid tot vormen van verwaarlozing en mishandeling.
Wanneer behoeften niet worden vervuld, ontstaat er een pijnlijk gemis dat zich kan uiten in verdriet, angst, eenzaamheid, woede, machteloosheid of wanhoop. Omdat het te pijnlijk is om deze gevoelens steeds opnieuw te voelen, en een kind niet in staat is om de situatie zelf te veranderen, ontwikkelt het gedrag waarmee het zichzelf enerzijds emotioneel beschermt en anderzijds geaccepteerd blijft door de ouders.
Lees ook: Universele basisbehoeften van de mens
Welke emotionele beschermingsstrategieën zijn er?
De afwezige bescherming
De eerste behoefte van een baby is gewenst te zijn en zich veilig en gekoesterd te voelen, vooral in de armen van de moeder. Er kunnen omstandigheden zijn, zoals spanning in de relatie, financiële zorgen, of de dood of ernstige ziekte van een dierbare, waardoor de moeder niet met haar volle aandacht bij het nieuwe kindje kan zijn. Het kind mist dan de veilige koestering die het nodig heeft om zich te hechten en te ontwikkelen, en trekt, zo jong als het is, zijn levensenergie terug om zichzelf emotioneel te beschermen.
Het thema is bestaansrecht.
Voor iemand met deze bescherming is de vraag: mag ik er zijn, ben ik welkom? De onzekerheid hierover vertaalt zich in maar ten dele aanwezig zijn en het gevoel een vreemdeling op aarde te zijn. Hij trekt zich in zichzelf terug.
Uitdaging en levenstaak: ik mag er zijn.
De grote uitdaging is terug te komen in het lichaam, in contact met jezelf en je emoties. Je hebt bestaansrecht, simpelweg omdat je bestaat. Het is een uitdaging om bewust te worden van lichamelijke sensaties zoals honger, dorst en vermoeidheid, maar ook van emotionele sensaties zoals plezier en verdriet. Op deze manier leer je jezelf kennen en maak je weer contact met anderen.
De bescherming gericht op vervulling
Wanneer er een gebrek is, bijvoorbeeld omdat de moeder onvoldoende voedt, emotioneel te weinig aanwezig is of te weinig aandacht heeft voor de behoeften van het kind, ontstaan er paniek en doodsangst. Door te huilen geeft het kind aan dat er iets is, maar als hierop te weinig of niet wordt gereageerd, geeft het de strijd op, vanuit de aanname dat vragen geen zin heeft. Dat is uitermate pijnlijk. Afhankelijk van zijn of haar aard zijn er dan twee basisreacties mogelijk: afhankelijk blijven of onafhankelijk worden. In het eerste geval reikt het kind niet meer uit en probeert het zichzelf te redden; in het tweede geval blijft het zitten met de wanhopige wens om alsnog te krijgen wat het nodig heeft, en belandt het in een ongezonde afhankelijkheidspositie.
Het hoeft geen onwil van ouders te zijn. De oorzaak kan zijn dat ouders het druk hebben met werk, dat andere kinderen veel aandacht vragen, of simpelweg dat ze vermoeid zijn. Het is ook mogelijk dat ouders niet goed weten hoe ze met het kind moeten omgaan. In de beleving van het kind is er geen vertrouwen dat het krijgt wat het nodig heeft. Om dit tekort het hoofd te bieden, leert het kind genoegen te nemen met minder en doet het alsof het genoeg heeft, of het blijft, vanuit een aanhoudend gevoel van tekort, zoeken naar vervulling.
Het thema is uitgaan van schaarste
Een innerlijk gevoel van tekort, van ‘niet genoeg’, met de bijbehorende teleurstelling en wrok, en een voortdurende behoefte om van buitenaf vervuld te worden.
Uitdaging en levenstaak:
De leegte en het tekort accepteren, en rouwen om het gemis aan liefde en aandacht uit de kindertijd. Daarnaast is het een uitdaging om zelf verantwoordelijkheid te dragen voor de vervulling van je behoeften, in plaats van te eisen dat een ander dit voor je doet. Het is essentieel te beseffen dat je zelf kunt zorgen voor wat je verlangt, en te leren genieten en tevreden te zijn.
De symbiotische bescherming
In de baarmoeder is het kind één met de moeder. Deze symbiose blijft het kind ook na de geboorte nodig hebben om zich veilig te voelen. Tussen zeven en negen maanden ontstaat het besef van een eigen ik: het kind wil, vanuit een veilige omgeving, de wereld gaan verkennen en leert zo langzaam, letterlijk, op eigen benen te staan. Na ongeveer anderhalf jaar gaat het zich verzetten en wil het dingen op zijn eigen manier doen. Zo ontwikkelt het kind een gezond gevoel van eigenwaarde, zelfvertrouwen en het vertrouwen dat het dingen op zijn eigen manier mag doen, en maakt het zich los van de symbiose.
Dit losmakingsproces kan verstoord worden wanneer de moeder overbezorgd of angstig is om zelf een zelfstandig leven te leiden. Het kind wordt dan de reden van haar bestaan. Wanneer een moeder de symbiose met haar kind nodig heeft, vanuit haar eigen leegte, kan ze het kind emotioneel chanteren, dreigen met verlating, of het gevoel geven dat de wereld gevaarlijk is. Het initiatief van het kind kan ook worden geblokkeerd doordat het overmatig wordt beschermd of doordat zelfstandigheid wordt afgekeurd: de ouders doen voortdurend dingen voor het kind die het heel goed zelf zou kunnen doen.
Het thema is ik en de ander.
De sterke neiging om steeds bezig te zijn met de ander, je in te leven en te voelen wat een ander nodig heeft tegenover de moeite die je hebt om je eigen behoeftes te voelen en grenzen aan te geven.
Uitdaging en levenstaak
De grote uitdaging is om vanuit de symbiose los te komen en je autonomie te gaan ontdekken en te ervaren hoe het is om op jezelf te staan. Leren voelen wat je zelf wilt en jezelf leren afgrenzen vanuit het besef dat je in wezen op jezelf staat. Daarvoor moet je de afstand tussen jezelf en de ander verduren en de ruimte van de ander respecteren. Dit gaat gepaard met sterke angstgevoelens omdat het innerlijke kind ervaart dat het alleen komt te staan en verlaten wordt en bang is dat het dit niet aankan.
De opofferende bescherming
De behoefte aan autonomie staat centraal in de levensfase waarin een kind ontdekt dat het een eigen wil heeft, rond de leeftijd van twee jaar. Voor een kind betekent autonomie onder andere: eten wat het op dat moment lekker vindt, zelf bepalen welke kleren het draagt, en actief zijn wanneer het actief wil zijn. De peuter ontdekt het plezier van zelf kunnen beslissen, waardoor het een gevoel van macht ervaart en geniet van het idee zijn eigen baas te zijn.
In plaats van hun kind voldoende ruimte te geven, vinden sommige ouders dat het moet gehoorzamen. Deze bescherming ontstaat op het moment dat het kind zijn ‘nee, dat wil ik niet’ opgeeft en zich voegt naar de wensen van de ouders. Het kind kan bijvoorbeeld overstag gaan doordat ouders dreigen met het onthouden van liefde, of doordat ze het kind een schuldgevoel aanpraten. Ook bij overbeschermende ouders, die alles voor het kind regelen en beslissen, wordt het de vrijheid ontnomen om dingen zelf te doen.
Het kind gaat zich gedragen zoals het denkt dat van hem verwacht wordt, en leert dat zijn wensen er niet toe doen. Het leert zich in te houden, minder plezier te maken, en niet meer te zeggen wat het vindt.
Het thema is autonomie.
Hij zegt ‘ja’ met een glimlach, maar voelt ‘nee’. Hij staat klaar voor anderen en laat zich gebruiken, en houdt zich in. Anderen bepalen hoe hij zijn leven inricht, wat uiteindelijk kan leiden tot een woede-uitbarsting door de opeenstapeling van onderdrukte gevoelens van verzet.
Uitdaging en levenstaak: vrij zijn.
De grote uitdaging is de beperkte draagkracht ten aanzien van het lijden van anderen te accepteren, en zichzelf terug te vinden. Het is van belang te leren dat hij vrij is om te zijn wie hij is en te doen wat hij wil. Dat betekent ‘nee’ zeggen tegen wat hem niet aanstaat, vaker kiezen voor zijn eigen behoeften, en zijn eigen mening serieus nemen, ook wanneer die afwijkt van die van anderen. Het is een keuze tussen expressie of depressie.
Ook interessant: Ben je er klaar mee om een ‘Good girl” te zijn?
De afstandelijke bescherming
De primaire behoefte van een opgroeiend kind is liefde geven en ontvangen. Dit speelt zich af in de leeftijdsfase tussen drie en vijf jaar, waarin het kind merkt dat het een jongetje of een meisje is en zich aangetrokken voelt tot de vader of de moeder. Als meisje wind je je vader om je vinger, als jongetje je moeder, vanuit een kinderlijke verleiding. Bijna elk kind heeft op een gegeven moment, bewust of onbewust, de fantasie dat het met vader of moeder wil trouwen. Voor ouders is het de kunst om op een goede manier met deze gevoelens om te gaan.
Voor een kind gaan liefde en seksualiteit samen: het stelt zich open met hart en lijf, wat zich uit in het ongeremd tonen van enthousiasme en plezier. Een meisje vliegt bijvoorbeeld dolenthousiast haar vader om de hals en wil hem knuffelen om zo haar liefde te uiten. Als de vader niet goed weet hoe hij hiermee om moet gaan, zal hij het kind weer op de grond zetten. Voor het kind is dit een teleurstellende reactie. Gebeurt dit vaak, dan sluit het kind zijn hart: de liefdesenergie wordt teruggetrokken en het kind probeert zijn gevoelens van liefde en tederheid de baas te blijven door ze tegen te houden.
Het thema is zijn of doen.
Doordat er een verwachting is dat het kind steeds beter moet zijn, succes moet hebben en niet mag onderdoen voor een ander, gaat het gevoelens van zwakte en kwetsbaarheid veroordelen. Het leert over zijn grenzen te gaan om aan de verwachtingen van anderen te voldoen. Falen bestaat niet, verliezen roept angst op. Innerlijk en lichamelijk ontwikkelt het een verstarring om zijn kwetsbaarheid te beschermen; een houding van trots en controle maskeert die kwetsbaarheid.
Uitdaging en levenstaak
Jezelf zijn vanuit gevoel. De grote uitdaging is contact te leren maken met je gevoelens, daaraan uiting te geven en zo weer in contact te treden met anderen. Het is belangrijk te beseffen dat je ook gewoon mens bent, dat je niet perfect hoeft te zijn en mag leren van fouten in plaats van deze tot elke prijs te vermijden. Het vraagt moed om met gevoelens van kwetsbaarheid naar buiten te komen en je helemaal aan de ander te geven, te leren en durven liefhebben. Daarvoor moet je contact maken met dat onschuldige, spontane kind, en met de angst die het heeft om gekwetst te worden.
Lees ook: Meer jezelf zijn
De wantrouwige bescherming
Tussen het zevende en twaalfde levensjaar heeft een kind de behoefte om op zichzelf te staan, maar heeft het ook nog steun en bevestiging van ouders nodig om zelfvertrouwen te ontwikkelen. Groeit een kind op in een gezin waarin verwacht wordt dat het alles zelf moet kunnen, en waarin zwakte met vernedering wordt beantwoord, dan kan de wantrouwige strategie zich ontwikkelen. Het kind gaat zijn eigen zwakheid en onzekerheid verbergen en houdt zich groot. Een wantrouwige strategie kan ook ontstaan wanneer de verhouding tussen de ouders verstoord is en de ouders het kind manipuleren of dwingen om partij te kiezen. Om zich staande te houden gaat het kind het spel meespelen, en probeert het de situatie zo veel mogelijk naar zijn hand te zetten door zelf te manipuleren of te liegen. Soms hebben ouders geen enkele intentie om te helpen en lachen ze het kind juist uit wanneer iets misgaat. Het kind voelt zich vernederd en ervaart dat de omgeving niet te vertrouwen is.
Het thema is wantrouwen.
Wanneer een kind voortdurend in de steek wordt gelaten, geen steun krijgt en niet op zijn ouders kan vertrouwen, wordt het basisvertrouwen dat het van nature heeft beschaamd. Het kind ontwikkelt minachting voor volwassenen, stelt zich boven hen en bouwt een pantser van onkwetsbaarheid op, vanuit het besluit: dat overkomt me nooit meer.
Uitdaging en levenstaak: vertrouwen
Het vraagt veel moed om het vertrouwen in anderen te herwinnen, en net zoveel moed om je kwetsbaarheid weer te gaan ervaren, waardoor je de oorspronkelijke behoefte aan steun opnieuw kunt voelen. Ook vraagt het de moed om jezelf te laten zien vanuit gelijkwaardigheid. Het is een uitdaging om steun te durven vragen zonder het gevoel te hebben daarmee je kracht te verliezen of vernederd te worden. In een gelijkwaardige relatie is het de uitdaging om angst en wantrouwen te verdragen, in het vertrouwen dat niemand je nu nog iets kan aandoen, omdat je groot genoeg bent geworden om jezelf te verdedigen. Pas dan kun je leren je hart weer te openen voor liefde en empathie, voor jezelf en voor anderen, vanuit gelijkwaardigheid.
Wat is het nadeel van een rigide emotionele bescherming?
Er is niets mis met een beschermingsstrategie op zich. Destijds was deze bescherming nodig om goed door de kindertijd te komen, en ze heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van jouw kwaliteiten. Maar de prijs kan groot zijn: je kunt je vervreemd voelen van jezelf, naar het leven kijken alsof je er zelf niet aan deelneemt, of het gevoel hebben dat je een toneelstukje opvoert. Je verliest het contact met de volle rijkdom van je emoties, je spontaniteit en je levenslust. Depressiviteit kan hiervan een gevolg zijn, omdat je geen contact meer hebt met je authentieke verlangens, behoeften en gevoelens.
Wanneer je gedrag bepaald wordt door een beschermingsstrategie, kun je niet volledig jezelf zijn, waardoor je ook niet volledig tot je recht komt.
Samenvatting: emotionele zelfbescherming, nuttig of belemmerend?
Emotionele zelfbescherming is op zichzelf functioneel: het is een normale reactie op pijn, kritiek of afwijzing, en heeft je als kind geholpen je staande te houden in een gezin waarin niet elke behoefte werd vervuld. Problemen ontstaan pas wanneer die bescherming rigide wordt, wanneer de ophaalbrug nooit meer naar beneden gaat. Of het nu gaat om de afwezige, de op vervulling gerichte, de symbiotische, de opofferende, de afstandelijke of de wantrouwige bescherming: elke strategie kent een eigen thema, een eigen oorsprong in de kindertijd en een eigen uitdaging om weer vrijer te leven. Zicht krijgen op je eigen patroon is de eerste stap om van automatische reactie naar bewuste keuze te gaan.
Hoe kom je los van een rigide emotionele bescherming?
Bewustwording: van automatisme naar vrije keuze.
Omdat emotionele bescherming al vroeg in je leven is ontstaan, werkt dit gedragspatroon grotendeels onbewust. Je denkt dat je nu eenmaal zo bent, en dat je geen keuze hebt.
Het is belangrijk om inzicht te krijgen in je beschermingsstrategieën en de achterliggende drijfveren, omdat dat duidelijk maakt hoe ze je belemmeren bij het vervullen van behoeften en verlangens: meer liefde en intimiteit ervaren, meer bij jezelf kunnen zijn, meer emoties kunnen toelaten, je kunnen ontspannen, mensen kunnen vertrouwen, of makkelijker je eigen leven leiden en makkelijker in sociale contacten staan.
Door bewustwording leer je het gedrag zien als een bescherming die je kunt inzetten wanneer dat nodig is. Dan pas heb je echt een keuze.
Het gaat om de volgende inzichten:
- De achterliggende behoefte die in de kindertijd niet is vervuld.
- De symptomen waarmee je een beschermingsstrategie kunt herkennen.
- Het effect van een emotionele beschermingsstrategie op anderen.
- De oorzaak van een beschermingsstrategie.
- Hoe je vanuit een bepaalde beschermingsstrategie omgaat met emoties en gevoelens.
- Hoe je vanuit een bepaalde beschermingsstrategie omgaat met verbinding en autonomie.
- De overtuigingen die een beschermingsstrategie in stand houden.
- De problemen die je tegen kan komen met een bepaalde beschermingsstrategie.
- De uitdaging die voortkomt uit een bepaalde beschermingsstrategie.
Ook interessant: Wie je denkt dat je bent en wie je bent kunnen twee verschillende werelden zijn.
Als coach begeleid ik mensen al meer dan dertig jaar bij precies dit proces: het herkennen van emotionele beschermingspatronen en het stap voor stap terugvinden van contact met jezelf en met anderen, afhankelijk van je thema
Wil je leren om meer los te komen van emotionele bescherming?
Wil je meer aanwezig zijn?
Wil je meer voor jezelf kiezen?
Wil je je meer kunnen verbinden met anderen?

Ik, Marja Postema, begeleid al meer dan 30 jaar mensen die vastlopen in hun emoties, relaties of leven. Ik combineer emotionele intelligentie, relatiecoaching en traumabewust werken, met de invloed van de kindertijd en vroegkinderlijk trauma als centrale thema’s.
Ik bent oprichter van de Emotionele Intelligentie Academie en auteur van Emoties, wat moet ik ermee? (2013) en ABC van 15 emoties (2017). Ik werk zowel voor particulieren, professionals als organisaties, vanuit mijn praktijk in Amersfoort.
Een belangrijk uitgangspunt in mijn werk is dat lichaam, denken, voelen en gedrag onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.
Cliënten omschrijven mij als warm en hartelijk, iemand die met respect snel tot de kern doordringt.
xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx
Ik help je graag d.m.v. individuele coaching of de opleiding Emotioneel Meesterschap
En nodig je uit voor een gratis, vrijblijvend kennismakings- en intakegesprek. Daarin onderzoeken we samen waar je het meeste last van hebt, wat je graag wilt veranderen en of mijn manier van werken bij je past.
Goed om te weten: ik oefen geen druk uit om te veranderen en werk niet vanuit een zweverige aanpak. Ik houd van respectvolle en heldere communicatie, zodat je precies weet waar we mee bezig zijn. Vanuit mijn jarenlange praktijkervaring leer ik je hoe je emoties kunt herkennen en erkennen, zodat je ze kunt gebruiken in de communicatie met je omgeving, zowel op het werk als privé.
Neem contact op via het contactformulier, dan bekijken we samen wat voor jou de beste aanpak is.
Opleiding Emotioneel Meesterschap
De opleiding Emotioneel Meesterschap is een diepgaande ontdekkingsreis naar de kern van je patronen, gebaseerd op actuele inzichten in emotionele gezondheid, biografisch werken, innerlijk kindwerk, karakterstructuren en traumaverwerking. Met het bijbehorende boek Emoties, wat moet ik ermee? krijg je waardevolle inzichten en handvatten, voor jezelf en eventueel om cliënten te ondersteunen in hun emotionele proces. Met een groepsgrootte van maximaal zes deelnemers creëren we een veilige leeromgeving waarin deelnemers elkaar steunen. Door te delen wat je bezighoudt, ervaar je echte verbondenheid, leer je jezelf beter begrijpen en leer je emoties toelaten.
Mijn aanpak, voortgekomen uit dertig jaar ervaring, opleiding en persoonlijk proces, is effectief gebleken omdat de bron van ineffectief gedrag wordt blootgelegd en de belemmeringen worden opgelost die het vrijuit ervaren van emoties en je autonomie in de weg staan. De opleiding is geschikt voor iedereen die bezig wil zijn met bewustwording en persoonlijke ontwikkeling, behoefte heeft aan verdieping en verheldering, hardnekkige patronen wil oplossen, of vat wil krijgen op verschillende vormen van conditionering en loyaliteit. De opleiding is geaccrediteerd door verschillende beroepsverenigingen.
Coaching en de opleiding vinden plaats in Amersfoort; coaching is ook online mogelijk.
Meld je aan voor een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek via het contactformulier.
Veelgestelde vragen (FAQ)
Wat is emotionele zelfbescherming precies?
Emotionele zelfbescherming is een patroon van gedrag, gedachten en lichamelijke reacties waarmee je jezelf beschermt tegen pijn, kritiek, teleurstelling of afwijzing. Het ontstaat meestal al in de kindertijd, als reactie op behoeften die destijds niet volledig werden vervuld.
Is emotionele zelfbescherming iets negatiefs?
Nee, op zichzelf niet. Het is een normale, gezonde reactie die je helpt je stevig en stabiel te voelen. Het wordt pas belemmerend wanneer de bescherming rigide is en je haar niet meer kunt loslaten, ook niet in situaties waarin dat wel veilig zou zijn.
Hoe herken ik mijn eigen beschermingsstrategie?
Je herkent je strategie aan terugkerende patronen: bijvoorbeeld het thema dat steeds terugkomt in je relaties, de manier waarop je met kwetsbaarheid omgaat, en de gevoelens die je vermijdt. Bewustwording van deze patronen is de eerste stap; een coach of psycholoog kan je daarbij helpen scherper te zien wat er speelt.
Kan ik mijn emotionele bescherming veranderen?
Ja. Een beschermingsstrategie is aangeleerd gedrag, en aangeleerd gedrag kun je afleren of bijstellen. Dat begint met bewustwording van het patroon, gevolgd door het stap voor stap oefenen met nieuw gedrag, vaak met begeleiding van een coach of therapeut.
Wat is het verschil tussen een flexibele en een rigide bescherming?
Bij een flexibele bescherming zet je de brug alleen op wanneer een situatie onveilig voelt, en laat je hem weer zakken zodra dat kan. Bij een rigide bescherming blijft de brug altijd omhoog, ook wanneer er geen gevaar meer is, waardoor je jezelf afsluit van verbinding met anderen.