U bent hier: Home » In de beste families » De levenslange invloed van het gezin waarin je bent opgegroeid

De levenslange invloed van het gezin waarin je bent opgegroeid

Ieder mens heeft zijn unieke levensverhaal.

Naast de uniekheid van ieders levensverhaal zijn er wel een aantal universele invloeden die ons in de kindertijd hebben gevormd. Belangrijke invloeden zijn je ouders; hun persoonlijkheid, hun geschiedenis, hun waarden en normen en hun manier van opvoeden. In dit artikel ga ik in op een aantal invloeden en het effect  later op het volwassen leven. De belemmerende patronen die daardoor kunnen ontstaan kunnen door het werken met de  biografie worden opgelost.

De invloed van de non-verbale en verbale communicatie

Wanneer mijn vader moe thuis kwam van zijn werk, wat vaak gebeurde, maande mijn moeder ons rustig te zijn. Ik zag haar zorg om mijn vader en ik zag mijn vader helemaal in zichzelf gekeerd. Ik dacht: “Laat ik me maar rustig houden”.  Dit was een ritueel dat zich vaak herhaalde en bij mij een onduidelijke angst op riep. Een angst waar ik geen woorden voor had. Het was zowel een non verbale boodschap door de zorgende blik van mijn moeder en de zware ingekeerde blik van mijn vader, samen met de verbale boodschap om rustig te zijn, dat er voor zorgde dat ik later in mijn volwassen leven alert was in zowel prive als werkrelaties. Wanneer ik maar even merkte dat iemand, moe, prikkelbaar of gespannen was, hield ik mij in en voelde een gespannen zorg voor het welzijn van die persoon.

Ieder gezin is uniek, zo kan dezelfde situatie in een ander gezin geheel anders uitpakken. Het grote gezin van mijn vriendin, tijdens de middelbare school, daarentegen was een hele andere wereld. Wanneer daar iemand van het gezin moeilijk of zielig deed, werden er grapjes over gemaakt. Het werd totaal niet serieus genomen. Er was geen duidelijk verbale boodschap. Maar doordat er grapjes over gemaakt werden, was de boodschap duidelijk genoeg; zwaarmoedig, zielig gedrag werd niet geaccepteerd. Non-verbaal werd er gezegd; ‘Stel je niet aan’.

 

De invloed van verboden en verwachtingen

 Ouders kunnen aan de ene kant bepaalde zaken verbieden, zoals niet zeuren, niet schreeuwen, geen domme vragen stellen. (Kinderen die vragen worden overgeslagen)

En aan de andere kant kunnen ze ook verwachtingen hebben of eisen stellen, zoals;  je moet gehoorzaam zijn, je moet meehelpen, je moet je aanpassen, je moet luisteren, je moet je best doen op school, je moet goede cijfers halen.

Sommige verboden en verwachtingen kunnen een grote impact hebben gehad op je ontwikkeling. Mijn vader gaf regelmatig een preek aan tafel hoe hij en mijn moeder niet de kans hadden gehad om naar de middelbare school te gaan. Daar was geen geld voor. Elke keer als onze cijfers niet boven een zes uitkwamen, benadrukte hij hoe belangrijk een opleiding is voor onze toekomst. Het legde zoveel druk op ons dat mijn oudste broer halverwege de middelbare school overspannen was. Er werd toen voor hem bepaald dat de Mavo goed genoeg was en dat hij er ook langer over mocht doen.  Later in zijn volwassen leven had hij moeite om een opleiding vol te houden, omdat het hem teveel stress gaf. Nadat mijn jongste broer het VWO haalde lag er een duidelijke verwachting om naar de universiteit te gaan. Maar hij vond muziek maken belangrijker. Je  zou kunnen zeggen dat hij zich er niets van heeft aangetrokken maar hij  voelde zich nooit serieus genomen in zijn muzikale aspiraties. Als middelste van drie fietste ik hier tussendoor en omdat ik vooral geen last wilde zijn heb ik de Havo gehaald.  Na de Havo heb ik verschillende HBO opleidingen gevolgd. Ik was lang op zoek naar erkenning en waardering hiervoor bij mijn  ouders, maar het leek alsof  alleen de universiteit de moeite waard was.

De invloed van het voorbeeld gedrag

 Ouders kunnen door hun eigen gedrag een boodschap geven hoe je je moet  gedragen in de buitenwereld of hoe je je moet gedragen in een relatie als man en vrouw. Het zijn geen bewust uitgesproken boodschappen maar eerder onbewust gedrag dat ze zelf hebben overgenomen of geleerd van hun ouders.

Mijn moeder was zeer gedienstig naar mijn vader en de kinderen. Ze had geen eigen gezicht, sprak haar mening of behoeftes niet uit en liet niet zien wat ze voelde. Dit was de rol van de meeste vrouwen in de tijd  (jaren ’50 – ’60) dat ik opgroeide. Het voorbeeld en de boodschap die ik daardoor kreeg was; als vrouw ben je gedienstig, je spreekt je niet uit, je bent niet van betekenis, je bent niet iemand, je hebt geen gevoelens, je bent altijd behulpzaam. De man is de spil van het gezin.

Mijn moeder was niet blij met deze rol. Dat zag ik door haar zwaarmoedige houding en haar gezucht. Ik wilde niet zo zijn als haar. Gelukkig had ik mijn pubertijd in de jaren ’70 waarin de man – vrouw verhouding ter discussie kwam te staan. Maar desondanks was de impact groot alsof dit beeld in mij zat gegrafeerd. Het duurde lang, onder andere door een gebrek aan inspirerende voorbeelden, voordat ik me durfde te uiten, geloofde dat ik iets zinnigs te zeggen had en mijn gedienstige houding los kon laten.

Mijn ouders heb ik zover ik me herinner in mijn kindertijd nooit zien huilen, boos worden of plezier met elkaar zien maken. Zij waren nuchtere Groningers en het  leven was gestructureerd en werd praktisch benaderd. Gevoelens werden genegeerd en als er gevoelens waren was de boodschap; het heeft geen zin om boos te zijn of er is geen reden om verdrietig te zijn. Tot mijn dertigste had ik het beeld van mezelf dat ik nuchter, zelfstandig en praktisch was. Het  leven confronteerde mij met het feit dat ik ook gevoelens had.

De invloed van de mate van positieve aandacht

 Ieder kind heeft positieve aandacht nodig om zich waardevol, betekenisvol en geliefd te voelen. Door positieve aandacht van je ouders, zonder dat je daar iets voor hoeft te doen, ervaar je dat je onvoorwaardelijk de moeite waard bent. Maar als je niet vanzelfsprekend aandacht kreeg,  moest je als kind iets bedenken om het te krijgen of misschien kwam je er toevallig achter wanneer je ouders bereid waren aandacht te geven. Bijvoorbeeld als je ziek was of als het niet goed ging op school of wanneer je juist goede cijfers halen. Misschien kreeg je aandacht wanneer je de clown uithing, wanneer je mama’s lieve jongen was als je haar hielp of je pappa’s lieve meisje was als je aanhankelijk was.

Ieder kind heeft de behoefte om zich gezien en geaccepteerd te voelen. Wanneer dat niet gebeurt kan het concluderen dat het niet de moeite waard is of dat de ouders niet blij met je zijn.  Mijn oudste broer had als eerste kind een speciale band met mijn moeder. Ik had als tweede kind onder andere door een gebrek aan aandacht al snel de conclusie getrokken dat ik teveel was en ben al jong zelfstandig geworden. Dat was heel fijn voor mijn moeder. Ze had geen omkijken naar me waardoor ik helemaal geen aandacht meer kreeg. Later in mijn volwassen leven ben ik zelfstandig ondernemer geworden en in samenwerkingsverbanden deed ik de dingen het liefst alleen. Dan was ik geen last voor anderen en liep ik niet het risico om afgewezen te worden.

Gedrag wordt ondersteund door overtuigingen

 Tijdens je jeugd ontwikkel je gedrag als reactie op verbale- en non-verbale boodschappen, voorbeeldgedrag, verboden, verwachtingen en de mate van aandacht. Heb je geleerd voor anderen te zorgen, dan ontwikkel je zorgend en helpend gedrag. Heb je geleerd jezelf te redden, dan ontwikkel je je zelfstandigheid. Heb je geleerd te presteren, dan richt je je op prestaties. Het gedrag wordt ondersteund door aannames die je al jong hebt gemaakt en besluiten die je hebt genomen op basis van jouw ervaringen, bijvoorbeeld:

  • Als ik perfect ben dan kan ik niet falen
  • Als ik voor anderen zorg dan ben ik goed
  • Ik heb niemand nodig ik kan het zelf wel
  • Ik zal nooit meer laten merken wat ik voel
  • Als ik goed mijn best doe, stel ik anderen niet teleur
  • Als ik aardig voor anderen ben, dan krijg ik geen kritiek
  • Als ik sterk ben dan heb ik betekenis
  • Als ik muzikant ben doe ik er niet toe

Op zoek naar heling in je volwassen leven

 Wanneer je in het gezin waarin je opgroeide weinig positieve invloeden hebt gehad, kun je het gevoel hebben gekregen niet waardevol te zijn, geen betekenis te hebben of niet geliefd te zijn. Daardoor kun je er in je volwassen leven naar streven om  dit gebrek aan waardering, erkenning en liefde alsnog te krijgen door anderen te helpen, verantwoordelijk te zijn, veel te geven of  alles perfect te willen doen of de ene na de andere opleiding te volgen. Maar dat is een doodlopende weg omdat niemand het gemis in de kindertijd kan vervangen. Het gevolg kan zijn dat je je uiteindelijk mislukt of minderwaardig gaat voelen.  Je kunt ook in een beschuldigende rol vervallen, waarin je alles en iedereen verwijten maakt. Dat voelt iets beter omdat het de schuld van de ander is. Maar als je uiteindelijk vastloopt kun je vervallen in gevoelens van zinloosheid, wanhoop, eenzaamheid en depressie. Je kunt concluderen:

  • Het maakt niet uit wat ik doe, ik wordt niet gezien of niet gewaardeerd.
  • Wat ik ook doe, het is nooit goed.
  • Wat ik ook doe, het lukt me niet.
  • Wat ik ook doe ik wordt niet serieus genomen
  • Wat ik ook doe, niemand houd van me

De kracht van biografiewerk bij het oplossen van levenslange patronen

De enige weg naar eigenwaarde en zelfliefde begint  met het proces van bewustwording. Dat wil zeggen het bewust worden van de invloed van het gezin waarin je bent opgegroeid. Het bewust worden van de aannames die je over jezelf hebt gemaakt en de besluiten die je hebt genomen. Uiteindelijk wordt je je bewust van jouw eenzijdige ontwikkeling: gedrag waarin je werd gewaardeerd of waardoor je aandacht kreeg en negatieve aandacht vermeed. Hiervoor moest je andere kanten van jezelf opgeven. Maar uiteindelijk dacht je; Dit ben ik. De verstoten delen van jouw karakter ben je wellicht vergeten of zelfs gaan veroordelen. Het inzien dat dit destijds de enige keuze was maar dat je nu nieuwe keuzes en besluiten kunt nemen om je zelfbeeld te herzien., dat is een uitdaging.

Het was voor mij niet gemakkelijk om te accepteren dat ik niet alleen maar nuchter en zelfstandig was maar dat ook gevoelig en eenzaam. Ik ontliep mensen die te dichtbij kwamen. Het was confronterend om te beseffen dat mijn zelfstandigheid ontstaan was vanuit een gevoel een last te zijn. Maar ik wilde niet meer alles alleen doen.

Wanneer je je eenmaal bewust bent van de belangrijkste invloeden, aannames en besluiten die je hebt genomen, kun je jezelf toestemming  geven om de verboden en verwachtingen van je ouders teniet te doen. Je mag zelf beslissen wie je wilt zijn en wat je wilt doen. Zo kun je langzaamaan jouw leven en/of werk een nieuwe richting geven, waardoor je meer kan worden wie je bedoeld bent te zijn.

In plaats van perfect te moeten zijn kun je besluiten dat werk afleveren ook goed genoeg mag zijn of dat het niet erg is om fouten te maken.

In plaats van altijd sterk en alles zelf op te willen lossen mag je besluiten dat het prima is om hulp te vragen of werk te delegeren.

In plaats van alles te moeten weten en dat je overal een oplossing voor moet hebben kun je besluiten dat je ook onzeker mag zijn en mag toegeven wel eens iets niet te weten. Wat een opluchting kan dat zijn als je jezelf niet meer op hoeft te houden.

In plaats van altijd maar anderen te helpen kun je besluiten dat het goed is om af en toe ‘nee’ te zeggen, ook al vind de ander dat niet leuk, om daarmee goed voor jezelf te zorgen en je eigen behoeftes te vervullen.

In plaats van altijd maar met iedereen mee te bewegen om de harmonie te bewaren kun je besluiten dat je ergens tegen in mag gaan en je mag uitspreken wanneer je het niet eens bent met iemand of met een besluit, zodat je een goed gevoel krijgt over jezelf.

In plaats van altijd maar je best te doen, kun je jezelf toestemming geven  om eens de teugels te laten vieren. Jezelf het gevoel te geven alsof je even spijbelt van school en daar heel erg van geniet.

Conclusie

De ervaringen tijdens de eerste zeven jaar, heeft voor een groot deel bepaald hoe iemand zich heeft ontwikkeld. Het fundament wordt dan gevormd. Dat gaat over gevoel van eigenwaarde, zelfvertrouwen, vertrouwen in anderen en het gevoel de moeite waard te zijn.

Om patronen vanuit dit fundament op te lossen, is het biografiewerk een krachtig middel om weer heel te worden. Ik ben ervan overtuigd dat ieder mens compleet wil zijn. Het is een weg die ik zelf heb afgelegd.

mm

Marja heeft twintig jaar ervaring in het begeleiden van mensen bij de ontwikkeling van hun Emotionele Intelligentie en is auteur van het boek 'Emoties wat moet ik ermee?' Marja heeft een methode ontwikkeld die zich richt op vier niveaus van leren: rationeel, emotioneel, fysiek en gedragsmatig. Dit leidt tot een diepgaande persoonlijke ontwikkeling met blijvend resultaat. Ze is getrouwd, heeft een volwassen dochter en woont en werkt in Amersfoort.

https://www.omgaanmetemoties.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *