U bent hier: Home » In de beste families » Wat betekent het om het tweede en middelste kind te zijn?

Wat betekent het om het tweede en middelste kind te zijn?

Het tweede en middelste kind zijn betekent dat je (een tijdje) de jongste bent.

Je ouders hebben hun eerste ervaring gehad met het krijgen en zorgen voor een kind. Ze zijn daardoor meer ontspannen. Voordat je het middelste kind wordt ben je eerst het jongste kind totdat het derde kind wordt geboren. Als het derde kind voor je derde jaar wordt geboren ben je niet lang de jongste geweest. Komt er een derde kind nadat je naar school ging, dan heb je ook ervaren wat het betekent om de jongste te zijn. Dus als tweede kind kun je de kenmerken hebben van een middelste en/of de jongste. Hoe het is om de jongste te zijn komt in een ander artikel nog aan de orde.

Het voordeel van het tweede kind zijn

Je ouders zijn ervaren en daardoor meer ontspannen ouders met meer zelfvertrouwen. Ze weten wat ze kunnen verwachten en hebben ontdekt hoe ze met een baby en peuter het beste om kunnen gaan. Ontspannen ouders zorgen voor ontspannen kinderen.

Na de babyfase word je je al snel bewust van het feit dat je niet het enige kind bent. Je moet de aandacht van je ouders delen en je oudere broertje of zusje kan al veel meer dan jij. Het heeft meer macht. Dat klinkt wat overdreven maar ga maar eens na hoe jouw relatie met het oudere kind zich heeft ontwikkeld.

In mijn artikel over het eerste kind heb ik beschreven hoe het een enorme shock kan zijn voor het eerste kind wanneer er een tweede kindje komt. De relatie tussen het eerste en tweede kind wordt enorm bepaald door de mate van voorbereiding van de ouders en het besef hoe kwetsbaar deze situatie is voor beide kinderen. Hun levensbelang, namelijk liefde en aandacht komt in het geding.

Ik ben het tweede kind en de middelste.

Mijn oudere broertje, hij was drie jaar, was absoluut niet blij met mijn komst. Hij was een echt moederskindje, hing aan haar rokken en is ook lang aan haar blijven hangen totdat hij uit huis ging. Hij vulde een gat dat was ontstaan doordat mijn vader veel afwezig was en doordat hun relatie niet echt bruiste van liefde. Mijn moeder had hem nodig om zich geliefd te voelen. Ik vermoed dat ik al jong heb ingeschat dat ik de strijd met hem, om aandacht van mijn moeder, niet ging winnen. Mijn strategie voor positieve aandacht was het gehoorzame, lieve, behulpzame meisje te worden. Dat is natuurlijk altijd fijn voor moeders als een kind gemakkelijk is, omdat ze de handen vol had aan mijn oudere broertje en drie jaar later aan mijn jongste broertje.

Ik haalde mijn liefde bij mijn vader. Ik was zijn oogappeltje is mij verteld. Helaas raken mijn herinneringen niet zo ver en helaas was mijn vader fulltime aan het werk zowel overdag als in de avond.

De kenmerken van de middelste

Wanneer het derde kind binnen vier jaar is geboren, is de kans groot dat het tweede kind aan zijn/haar lot wordt overgelaten.

Ik was net drie toen werd mijn jongere broertje geboren. Dus ik ging al jong mijn eigen gang. Had als enig meisje mijn eigen kamertje. Zorgde dat het altijd netjes was. Deed alles alleen op de fiets; naar school op en neer, op mijn zesde alleen op de fiets in de ochtend naar zwemles buiten het dorp en door de week naar gymnastiek. Alles wat ik zelf kon doen deed ik zelf. Ik was jong zelfstandig en had geen enkele verwachting dat er aandacht of hulp zou komen van mijn moeder en ook niet van mijn vader. Want hij was er bijna nooit.

Zo heeft ieder kind zijn eigen verhaal

Het is onmogelijk om te zeggen dat alle middelste kinderen jong zelfstandig moesten worden. Het hangt ook van je karakter af. Sommige kinderen zijn zich heel erg bewust van de gevoelens van hun ouders en passen zich snel aan. Andere kinderen zijn daar niet zo mee bezig en gaan op zoek naar plezier en gezelligheid ergens anders. Kleine kinderen betrekken alles op zichzelf.

Mijn moeder was ongelukkig omdat ze ongelukkig met mij was, dacht ik. Daarom wilde ik ook geen last zijn, want stel je voor als ik lastig zou zijn. Wie weet zou ze mij dan wel weg doen.

Later in mijn leven was ik me altijd bewust wanneer mensen niet met hun aandacht aanwezig waren, zwaarmoedig of bezet door zorgen of andere zaken. Ik sloot me dan af omdat ik concludeerde dat men geen interesse in mij had en dat het geen zin had om mezelf te laten zien. Dit zijn nog steeds kwetsbare situaties voor mij. Ik heb het vertrouwen nodig dat iemand interesse heeft in mij. Je kunt dit zien als een diepe kwetsing in de kindertijd.

Betekent dit dat middelste kinderen eerder kans maken om gekwetst te worden door een gebrek aan aandacht en steun?

Wat zijn je opties als tweede en middelste kind?

Jouw oudste broertje of zusje heeft al een hechte relatie opgebouwd met de moeder en kan doordat het ouder is meer. Hij of zij is slimmer en sterker. Het derde kind wanneer het komt voordat je vier bent, is een kwetsbare baby die om de zoveel uur gevoed moet worden. Het ligt dus voortdurend in de armen van de moeder en het huilt en schreeuwt om aandacht. Je ziet hoe zwaar dat is voor je ouders. Wat zijn dan je opties als tweede? Ga je het gevecht aan voor aandacht? Is er familie die je extra aandacht hebben gegeven? Werd je opgevangen door de buren? Was je al oud genoeg om naar vriendjes te gaan?

Hoe heb jij dit opgelost?

Is dit spanningsveld later in je leven teruggekomen?

  

De middelste heeft vergelijkingsmateriaal

Het middelste kind neemt een verschil waar tussen de oudste die veel meer weet en kan en de jongste die veel minder weet en kan. De middelste kan op die manier inschatten wat zij/hij zelf kan en niet kan. Dit gegeven is later op school en op het werk handig om een realistisch beeld van jezelf te krijgen over je sterktes en je zwaktes. De oudste daarentegen had alleen zijn ouders als vergelijkingsmateriaal en heeft ervaren dat het nooit kan tippen aan volwassenen. De lat ligt altijd te hoog.

Henk was de oudste en groeide op met een sterke, charismatische, dominante vader waar hij enorm tegen op keek. Zijn enige doel was bewondering en waardering te krijgen van deze god, maar zijn vader gaf hem het gevoel dat het nooit goed genoeg was. Hij werd gestimuleerd om alles te beargumenteren en zijn vader behandelde hem als een volwassene door voortdurend kritische feedback te geven. Later in zijn volwassen leven is hij nog steeds bezig om met iedereen overal over te willen discussiëren. Op die momenten krijgt hij het dreigende gevoel dat hij het gaat verliezen. Er ontstaat een machteloze boosheid waarin hij alles op alles zet om de discussie te willen winnen omdat zijn gevoel van eigenwaarde op het spel staat. Wat hij niet in de gaten heeft dat hij een gevecht met zijn vader houdt wat uiteindelijk een gevecht met zichzelf is geworden.

Ook jongste kinderen worden voortdurend geconfronteerd met kinderen die ouder en competenter zijn. Dat wordt de eeuwige junior die het nog niet weet en nog niet kan. Laat mij het maar doen dan gaat het sneller, krijgt hij/zij vaak te horen.

Middelste kinderen kunnen hun gang gaan

De overdreven zorg en angst bij het eerste kind is verdwenen. Je ouders laten je gemakkelijker de wereld ontdekken. Als er vrij snel een derde kind komt ben je aan je lot overgelaten. Maar het voordeel hiervan is dat je je eigen gang kunt gaan. Je wordt minder beïnvloed door hun zorgen, eisen en verwachtingen. Je kunt je eigen verlangens volgen en ontdekken wat je leuk vindt.

Ik ontdekte al jong dat ik het leuk vond om creatief bezig te zijn, tekenen, kleertjes maken voor mijn pop, poppenhuis inrichten, mijn kamer inrichten. Mijn behoefte aan creëren en aan schoonheid is altijd gebleven.

Dat middelste kinderen hun gang kunnen gaan, zonder dat ouders zich er mee bemoeien, heeft twee kanten. Je kunt je vrij voelen of je kunt je verloren voelen. Het prachtige lied van Hennie Vrienten is daar een mooi voorbeeld van: Pa

Wat heb jij door de ruimte die je kreeg ontdekt?

Hoe ben je daar mee om gegaan?

Middelste kinderen komen vaak terecht in hulpverlenende beroepen

Omdat je als middelste kind niet de noodzakelijke aandacht hebt gehad van je ouders is de kans groot dat je hebt geconcludeerd dat je niet de moeite waard was. Dit zijn vaak onbewuste aannames op basis van gevoelens. Doordat kleine kinderen alles op zichzelf betrekken denken ze al snel dat ze niet goed zijn. Een minderwaardigheidsgevoel samen met het vermogen om aan te voelen wat anderen nodig hebben ligt een hulpverleningsberoep al snel in het verschiet.

In die zin was mijn levensloop heel voorspelbaar. Ik wilde mensen helpen omdat ik in staat was om de behoeften van anderen aan te voelen. Het gevoel dat ik mezelf niet genoeg waard vond was verstopt in een onbewust deel van mijn geschiedenis en met dit deel verdween ook mijn eigen behoeftes. Ik had het idee dat ik zelf niets nodig had, ik had geleerd mezelf zelfstandig te redden. Ik voelde me totaal thuis bij de studie maatschappelijk werk aan de sociale academie.

Dus middelste kinderen helpen graag mensen om hun behoeften te vervullen net zoals ze zelf graag gezien en gesteund hadden willen worden. Op die manier worden eigen behoeftes geprojecteerd op mensen die hulp nodig hebben.

Middelste kinderen doen wat er van hen verwacht wordt

Je bent bereid om zonder vervelende vragen of te klagen te doen wat er van je verwacht wordt in een baan of in een relatie. Maar dat kan je op den duur opbreken omdat je je teveel aanpast, accepteert en incasseert dan goed voor je is. Je negeert wat het gevoelsmatig voor effect op je heeft. Wanneer je langdurig meer geeft dan ontvangt, ook al ben je je daar niet bewust van, heeft dat emotionele gevolgen die weer kunnen leiden tot fysieke klachten.

Oudste en middelste kinderen kunnen goed geschillen oplossen, maar de oudste kinderen nemen de leiding en geven aan wat er moet gebeuren. Terwijl middelste kinderen, rekening houdend met iedereen vaak zelf inlevert of zich aanpast, zodat de harmonie kan worden hersteld.

Middelste kinderen dagen hun ouders uit tijdens de puberteit

Voor de meeste kinderen is de puberteit om te experimenteren met je identiteit en je af te zetten van je ouders om je eigen weg te gaan. Maar voor middelste kinderen kan er nog iets anders meespelen.  De behoefte  om gezien te worden en het chronische gebrek aan aandacht kan er voor zorgen dat je extreme keuzes maakt om je ouders uit te dagen tot een reactie. Wellicht tot een reactie van afwijzing omdat je onbewust een  afwijzing verwacht.

Mijn puberteit speelde zich af in de jaren 70. Mijn identiteit was hippie en ik had hippie vrienden met hippie kleren en jongens met lang haar. Ik nam de meest excentrieke figuren mee naar huis. Ik droeg oude jurken van mijn oma en had dikke zwarte houtskool randen rond mijn ogen. Mijn ouders waren onverstoorbaar.

Doordat middelste kinderen al jong op eigen benen staan, kunnen ze gemakkelijk zichzelf overschatten.

Om de liefde van mijn ouders te testen (onbewust)  deed ik een aantal riskante dingen. Het begon er mee dat ik, toen ik 13 was, een nacht weg bleef. Dit is de enige keer dat ik mijn vader woedend heb gezien toen ik thuis kwam. Dus die was raak. Mijn andere acties hadden minder effect; tijdens de zomervakantie, toen ik 16 was, ging ik een rondje liften door Nederland. Ik sliep bij kennissen in Amsterdam en Leeuwarden. Het jaar erop ging ik via een liftservice naar mijn schrijfvriendin in Tsjecho-Slowakije en ging zelfstandig liftend terug. Het jaar daarop was ik klaar met de middelbare school en met mijn ouderlijk huis. Ik had helemaal zelf geregeld om au pair te worden in Londen. Op de dag dat ik vertrok vroeg mijn vader; ‘Zou je dat wel doen?’. Ik was 18, het was 1973. Engeland was heel ver weg.

 

De ervaringen die je de eerste jaren hebt worden een blauwdruk van jouw beeld van de wereld.

Een kind ervaart alles als normaal totdat het een situatie meemaakt die anders is.

In het Groningse gezin waarin ik opgroeide werd nauwelijks gepraat laat staan dat er gevoelens werden geuit. Dat was voor mij normaal. Het was ook een kenmerk van de Groningse cultuur. Pas op de middelbare school kreeg ik een totaal andere ervaring door een vriendin. Ze nam me mee naar haar huis waar vijf kinderen stoeiden, schreeuwden en plezier hadden. De ouders deden daar aan mee. Dat was een cultuur shock voor mij.

Volgens onderzoek zijn dit de typische kenmerken van een middelste kind:
  • Ze verlaten het ouderlijk huis al jong
  • Ze kunnen met de meeste mensen goed opschieten
  • Ze kunnen bij conflicten de harmonie herstellen en met oplossingen komen
  • Ze zijn gevoelig voor de behoeften en gevoelens van de mensen waarmee ze te maken hebben
  • Ze kunnen goed samenwerken
  • Ze geven gemakkelijk toe onder druk
  • Ze hebben een realistisch beeld van wat ze kunnen bereiken
  • Ze laten zich gemakkelijk overhalen door anderen, zijn meegaand
  • Ze helpen graag mensen in nood
  • Ze hebben moeite om zelf hulp te vragen bij problemen
  • Ze weten niet goed wat ze zelf graag willen en wat belangrijk voor ze is
Effecten op latere leeftijd

Doordat middelste kinderen al jong hun behoefte aan liefde en aandacht hebben ingeleverd en ze een pseudo zelfstandigheid hebben ontwikkeld en er tegelijkertijd een gevoel is van minderwaardigheid en het gevoel er niet toe te doen, zijn ze geneigd meer te geven en zorg te dragen voor anderen dan voor zichzelf. Het gevolg is dat je niet weet wat je eigen behoeftes en wensen zijn of ze niet serieus neemt vooral als het gaat om vriendschapsrelaties en liefdes relaties. Je hebt de neiging om te meegaand te zijn. Daar kunnen andere mensen misbruik van maken en je loopt het risico op een burn-out te krijgen door alleen maar te geven.  Omdat je je hier niet bewust van bent en je volhard in  het beeld dat je niets of weinig nodig hebt, maakt deze behoefte zich kenbaar door onduidelijke lichamelijke symptomen zoals vermoeidheid, gevoelens van zinloosheid of doelloosheid, sombere gevoelens of onbestemde angst gevoelens.

De uitdaging van het tweede/ middelste kind
  • Ontdekken waar je diepe behoeften en wensen liggen
  • Tijd nemen om helder krijgen wat je zelf wilt
  • Nadenken over wat belangrijk voor je is.
  • Ontdekken welke identiteit er schuilt onder het zelfstandige gedrag
  • Ontdekken welke authentieke talenten er liggen
  • Assertieve vaardigheden ontwikkelen
  • Grenzen stellen aan het helpen van anderen
  • Jezelf meer laten zien
Herken je dit of roept het weerstand op?

Misschien vraagt het om extra zelfonderzoek. Dat kan ik me voorstellen. Je wilt als het ware een second opinion. Daar heb ik een test voor:

Wil je weten hoe jouw zelfbeeld nu is?

Met andere woorden hoe je jezelf ziet en hoe je denkt dat jij bent?

In de gratis zelfbeeldtest krijg je hier een antwoord op.

Ik meld me aan voor de gratis Zelfbeeld test
dit veld niet invullen s.v.p.

mm

Marja heeft twintig jaar ervaring in het begeleiden van mensen bij de ontwikkeling van hun Emotionele Intelligentie en is auteur van het boek 'Emoties wat moet ik ermee?' Marja heeft een methode ontwikkeld die zich richt op vier niveaus van leren: rationeel, emotioneel, fysiek en gedragsmatig. Dit leidt tot een diepgaande persoonlijke ontwikkeling met blijvend resultaat. Ze is getrouwd, heeft een volwassen dochter en woont en werkt in Amersfoort.

https://www.omgaanmetemoties.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *